A football match

not the beautifully worked out
attack ending in a
sudden galvanising flash,
but the little boy on a
patch of grass behind
the spectators playing his
own game, the dog
among those nameless backs
snuffling around the waste
ground, the torn
trampled tickets in the
well-combed grass and above
the rock-hard winter sky: only
here and there the odd wing’s flap, only
now and then a faint drone
drowned out
by the cheers.

 

Een voetbalwedstrijd

Niet die prachtig opgezette
aanval uitlopend op een
flitsend rechtverend moment,
doch het jongetje op een
stukje weide achter de
toeschouwers zijn eigen
wedstrijd spelend, de hond
tussen die naamloze ruggen
snuffelend langs de brakke
grond, de gescheurde
vertrappelde kaartjes in het
uitgekamde gras en daarboven
de keiharde winterlucht: slechts
hier en daar wat gewiek, slechts
nu en dan een zacht geronk
in het gejuich verdwijnend.

From Gedichten 1958-1978 (1978)
By Roland Jooris
Translated by Paul Vincent

First published in The Low Countries, 2012