Potatoes

More vulgar and yet more cheerful plant
hardly lives in this gloomy land.
The potato’s so Dutch: it dances, dumb,
into the basket and much later the mouth.
The brown of old much-used ball bags
and extremely exhausted brides it joins
with porkish roundness, Grand Moguldom,
and the look on its face of rolling coins.
In the ballroom of god’s acre it merrily shags
and keeps its savings bank under the ground.

 

Aardappelen

Platvloerser en toch blijmoediger plant
leeft er bijna niet in dit sombere land.
De aardappel is zo Hollands: hij danst dom
de aardappelmand in en veel later de mond.
Het bruin van oude veelgebruikte balzakken
en van wel zeer versleten bruiden paart hij
aan varkensachtige rondheid, Grootmogoldom
en de gezichtsuitdrukking van rollende munt.
Op de balzaal van gods akker wiegelt hij blij
en zijn spaarbank heeft hij onder de grond.

From In the Water-Collection Areas (In de waterwingebieden, 2000)
By H.H. ter Balkt 
Translated by James S. Holmes

First published in The Low Countries, 2005